zondag 5 oktober 2008

Relativeer uzelf

De mens is een wonderlijk wezen: ik blijf me verbazen. Soms over mezelf en hoe ik met dingen omga, soms over hoe mensen om me heen met dingen omgaan en soms over mensen die je at random zomaar tegenkomt. Nu staan de media bol van de a-sociale Marokkanen in Gouda waar volgens ons goedgekuifde vrind Wilders het leger op af moet worden gestuurd.

Ongetwijfeld bestaan er a-socialen in vele soorten, maten en nationaliteiten. Degene waar ik net in de lokale Albert Heijn mee van doen had, was zondermeer van een meer gepigmenteerde variant, maar toen ze haar scheur opende klonk ze als een onvervalst white trash volkswijf. Vraag me af wat Geert daarvan zou vinden.. Geïntegreerd is ze duidelijk wel: ze scheldt me keurig in onvervalste, doch soepel vloeiende schuttingtaal uit ten slotte.

Eigenlijk gaat het om niks.. Ik pak mijn boodschappen in terwijl de dame bij de kassa mijn boodschapjes scant. Inmiddels is een dame met kind aan de zij prominent voor de kassa gaan staan, waar nog mijn bonuskaart -waarom ik een kaart moet hebben om korting te krijgen blijft mij een raadsel en met enige tegenzin gebruik ik hem toch maar, maar dat is wellicht iets voor een andere blog- ligt en de kassadame al niet meer eens doorheeft dat ík degene ben die af moet rekenen. Ik stop mijn laatste boodschapjes in mijn rugzak en zeg "Ik kom eraan, maar dan moet ik er wel weer even bij". De jongen voor me die net wegloopt met zijn Hawaïdiepvriespizza en een fles Euroshopper cola, zegt dat ik er natuurlijk bij mag en ik zeg nietsvermoedend "Ik had het ook niet tegen jou hoor".

Wie schetst mijn verbazing (en de vervolgens in no time door mijn lijf pompende adrenaline die een acute fight or flightreactie oproept) wanneer de dame achter mij in de rij die na mijn opmerking een stap opzij heeft gedaan, zegt "Ik stond er niet eens, zeikwijf". Ik betaal en geef gelijktijdig aan dat ze net wel stond waar ik nu sta en pak mijn bonuskaart van het kunststof plankje voor de kassa. Natuurlijk is het nog niet klaar en wordt de volgende zin op me afgevuurd "Je bent wel veertig ofzo, maar je gedraagt je als een kind".. Ik ben overdonderd, dit had ik niet zien aankomen toen ik alleen even bij de kassa wilde om af te rekenen en mijn bonuskaart mee te nemen.

Deze dame heeft een bijzonder talent ontwikkeld, namelijk het plakken van etiketten op niksvermoedende boodschapjesdoenerts die eigenlijk meer op haar zelf slaan dan op iemand anders. In die zin ben ik dan ook bijna letterlijk met stomheid geslagen. Zelfkennis is duidelijk niet het sterkste punt van dit exemplaar van de homo sapiens. Omdat ik overdonderd ben, maar ook omdat ik me niet wil verlagen tot het niveau van deze dame en de verstandigste wil zijn, blijf ik ogenschijnlijk rustig en zeg "Ze zeiden het vroeger al. Wat je zegt ben je zelf". Een scheldcannonade wordt mijn deel: ik krijg allemaal dingen naar mijn hoofd geslingerd, zoals "Viswijf" waar dan sarcastisch achteraan komt "Ik had het niet tegen jou hoor". Even kan ik het niet laten en antwoord, tegen beter weten in "A-sociale bitch". Op zich nog een behoorlijk neutrale observering al zeg ik het zelf. Wanneer ik met een lijf vol met pompende adrenaline de winkel uitloop krijg ik in het gebied tussen de kassa en de uitgang, nog twee keer "Stoephoer" naar mijn hoofd geslingerd. Waarop ik twee keer omkijk en reageer met "Kijk naar jezelf".

Ik steek de straat over, peinzend en woest. De Neanderthaler in mij slaat zo'n mokkel het liefst zo hard op haar bek dat ze zich volgende keer wel twee keer zal bedenken, omdat het plaatsen van al die nieuwe stifttanden uiteindelijk toch flink in de papieren loopt. Maar iemand moet de wijste zijn en ik geloof dat ik dat deze keer ben. Zoals wel vaker. Ik baal.

Geërgerd vervolg ik mijn pad en steek de straat over, mijn hart nog steeds snel kloppend en me ook afvragend of ik ze zo bij de groenteboer of onderweg naar huis al of niet nog eens tegen zal komen. Ik ben geërgerd, want ik had ze eigenlijk verbaal meer lik op stuk willen geven, wat niet gebeurde door mijn overdonderdheid en omdat ik, geloof ik, ben ik bang at the end of the day toch ook net te beschaafd ben. Ik ben van de redelijkheid en de argumentatie en dat is natuurlijk in deze situatie helemaal niet handig. De opmerking "Kijk naar jezelf" kan dan ook opgevat worden als een, zij het zwakke, poging om de dame in kwestie een spiegel voor te houden. Zinloos natuurlijk.

Een andere reden voor mijn ergernis, is de wetenschap dat de meerderheid van de beschaafde, verstandige en redelijke Nederlanders zoals ikzelf, mokkels in kwestie niet op de bek timmert, maar het gevecht uit de weg gaat. Op zich juich ik toe dat mensen de verstandige weg kiezen, begrijp me niet verkeerd. Maar tegelijkertijd betekent dit wel dat types zoals deze gewoon ongehinderd hun a-sociale gedrag ten toon kunnen spreiden, zonder dat dit ooit in enige vorm of variant wordt afgestraft. Erger nog: omdat dit gedrag niet wordt afgestraft, zal het vervolgens keurig Pavloviaans bestendigd worden. Keer op keer opnieuw. 'Brutalen hebben de halve wereld' is geloof ik een gezegde. Misschien was het gezegde 'de hele wereld', daar wil ik even vanaf zijn. En zoals zo vaak met clichés, ze zijn waar. Het is volledig onacceptabel gedrag, maar weer niet genoeg om iemand op te pakken en een nachtje achter gesloten deuren te laten afkoelen.

Bij de Turkse groenteboer waar ik wat verse munt en een paar banaantjes meeneem, gaat het er een stuk vriendelijker aan toe. De dame voor me rekent af en vraagt aan haar dochtertje, een peuter van een jaar drie, of ze een lolly wil. De groenteboer pakt uit de pot op het schap een lolly. "Nee, een hartje". Ze is duidelijk goed op de hoogte van het lokale lolly-aanbod. Het wordt een hartjeslolly. De moeder zegt, zoals veel moeders dat doen "dan moet je wel even netjes dank je wel zeggen". Meisje bedankt keurig en ze kuieren weg, het meisje half huppelend net onder mijn rugzak door die door de boodschappen laag op mijn rug hangt, stoot haar hoofd aan de onderkant van de rugzak en ik moet even grinniken als ik haar verbaasde gezicht zie. Ook zij had deze encounter niet zien aankomen, maar dit is toch een aangenamere variant. Ook bij de Turk reken ik af en vervolg mijn weg naar huis. Nog steeds met een veel te snel kloppend hart, ondanks het ontwapenende meisje van zonet en overpeins alles nog eens.

Verschillende gedachten schieten door mijn hoofd terwijl ik door de straten terug naar huis loop. Dat het jammer is dat er, wanneer ik thuis kom, niemand is aan wie ik dit verhaal kwijt kan. Jammer ook dat ik geen camera bij me had, dan had ik een foto kunnen maken, of een telefoon met camera. Eerst foto en dan een formele melding bij de politie van dit gedrag maken. Die gedachte schiet ik net zo snel weer af als hij opkomt trouwens. Geloof dat eventuele telefoons, camera's of gadgets een dergelijke encounter niet zouden overleven. Opmerkingen waarmee ik haar beter de mond mee had kunnen snoeren. Ik weet niet of de mond snoeren gelukt zou zijn, maar er waren natuurlijk sterkere opties, dan "kijk naar jezelf" geweest. Ken u zelf. Ik probeer mezelf redelijk te kennen, maar deze dame is duidelijk van alle zelfkennis gespeend. Om van kennis over de oude Grieken en filosofie nog maar te zwijgen. Ik vraag me van alles af, bijvoorbeeld of deze dame een baan heeft, of dat ze in de bijstand zit en als dat laatste het geval is of ze dan ook ruzie maakt met de klantmanager bij de balie. Ik kan me haast niet voorstellen, dat zo iemand een maatschappelijke positie in welke variant dan ook inneemt. De gedachte dat dat niet zo is, is eng. De gedachte dat ze wel maatschappelijk functioneert, zo mogelijk nog enger. Haar gedrag kwam met teveel souplesse naar boven om dit als een one-off of een incident te bestempelen. Wat moet je met zulke mensen? Opsluiten in een soort TBS-kliniek of anders een heropvoedingsgesticht zoals men vroeger deed?

Deze ontmoeting, dit incident dat zich inmiddels ruim een uur geleden afspeelde en misschien hooguit één of twee minuten heeft geduurd, roept bij mij veel vragen op. Over de mensheid. Over de mate van beschaving die wij als soort pretenderen te hebben. Misschien, heel misschien moet de mensheid als geheel en wellicht vooral de godsdienstigen, zichzelf leren kennen en de eigen soort enigszins relativeren: als we geschapen zijn naar het evenbeeld van een god, houdt mijn beeld van die god niet over en zijn ook wij niets beter dan beesten. Bovendien hebben, zo lijkt het, ook miljoenen jaren van evolutie niet voor iedereen toegevoegde waarde opgeleverd.
De uitspraak "Ken uzelf", getuigt van grote wijsheid. Misschien is "Relativeer uzelf" een gezonde aanvulling voor ieder afzonderlijk en de mensheid als geheel.